Stoornissen

Cliënten kunnen voor diverse stoornissen naar de logopedist komen. Logopedie richt zich op elke leeftijdsgroep!

TAAL
Contact maken doe je via taal. Daarmee deel je met anderen informatie. gedachten ontstaan in de hersenen. Met taal breng je die gedachten onder woorden. Zonder kennis van de taal kun je niet goed met anderen communiceren. 
Problemen op het gebied van taal kunnen zijn:
- afasie na een hersenbloeding (CVA) of hersentrauma
- communicatiestoornissen door een verstandelijke beperking of dementie
- taalontwikkelingsproblemen bij kinderen

SPRAAK
Bij spraak gebruik je spieren van je lippen en de tong. Deze bepalen de klank van de letters. Elke letter heeft zijn eigen klank. Kinderen leren de klanken door ze na te doen.
Problemen op het gebied van de spraak kunnen zijn:
- aangezichtsverlamming
- afwijkende mondgewoonten
- articulatieproblemen
- broddelen
- nasaliteitsstoornissen, zoals bij een gehemeltespleet (schisis)
- neurologische spraakstoornis, zoals bij de ziekte van Parkinson
- stotteren
- vertraagde spraakontwikkeling

STEM/ADEM
Om geluid te maken gebruik je je stem. Klankkleur, luidheid en toonhoogte brengen je bedoeling of gevoel over op de ander. Woorden kunnen een andere betekenis krijgen door de manier waarop je ze uitspreekt.
Problemen op het gebied van stem kunnen zijn:
- astma, COPD
- hyperventilatie
- stemklachten, heesheid, problemen met luidheid of zingen

GEHOOR
Gehoor is nodig bij de communicatie. Spreken en luisteren horen bij elkaar als je een gesprek voert. Hoe je hoort, beïnvloedt de manier van reageren. Als je iets niet goed hebt verstaan, vraag je om te herhalen.
Problemen op het gebied van het gehoor kunnen zijn:
- aangeboren slechthorendheid of doofheid
- auditieve verwerkingsproblemen
- revalidatie na plaatsing Cochleair Implantaat (CI)
- verworven slechthorenheid of plotsdoofheid

SLIKKEN
Jonge kinderen hebben soms problemen met zuigen of kauwen en slikken. Dit kan het gevolg zijn van sondevoeding. De functie van de mond moet zich dan ontwikkelen en herstellen. Ook ouderen kunnen problemen met het slikken krijgen, bijvoorbeeld door een beroerte of de ziekte van Alzheimer.
Problemen op het gebied van het slikken kunnen zijn:
- eet- en drinkstoornissen bij jonge kinderen
- slikstoornissen bij volwassenen